b) Overige wijzigingen

Aandelen en algemene vergadering

De BV is een besloten vennootschap. In de oude BVBA was de overdraagbaarheid van de aandelen strikt beperkt. In de nieuwe BV zullen deze regels aanvullende regels worden. De aandeelhouders zullen dus kunnen kiezen voor de vrije overdraagbaarheid van de aandelen. Men kan van de BV dus een zeer besloten of een zeer open vennootschap maken. Overigens zullen de vennoten net zoals in een NV "aandeelhouders" worden genoemd.

De nieuwe BV zal daarnaast converteerbare obligaties en inschrijvingsrechten (voorheen warranten genoemd) kunnen uitgeven, wat niet het geval is onder de vroegere regels. Tot slot is ook de mogelijkheid voorzien om een systeem van uittreding en uitsluiting ten laste van het vermogen van de vennootschap in te stellen, zoals dit al bestaat in de Belgische coöperatieve vennootschap (CVBA).

Eenpersoonsvennootschap

Net zoals bij de nieuwe NV zal de mogelijkheid van de oprichting en het bestaan van een eenpersoons-BV geïntroduceerd worden: een BV met slechts één aandeelhouder.

Tot nog toe kon enkel een natuurlijk persoon (enige) vennoot zijn in één BVBA op straffe van onbeperkte aansprakelijkheid en wanneer een rechtspersoon enige vennoot van een BVBA was, genoot deze niet de beperkte aansprakelijkheid. Deze beperkingen zullen  worden opgeheven.

Bestuur

Het bestuur van de nieuwe BV zal zowel de vorm kunnen aannemen van een collegiaal bestuursorgaan als van individueel bevoegde "zaakvoerders" zoals dit bestond voor de "oude" BVBA.

Wel werd er overgeschakeld op begrip "bestuurder", zoals in de NV, in de plaats van "zaakvoerder".

Nog een opzienbarende wijziging betreft het instellen van een plafond op de bestuurdersaansprakelijkheid. Het maximale bedrag waartoe een bestuurder kan zijn gehouden, zal afhankelijk worden gesteld van balanstotaal en omzet (gemiddelde over drie boekjaren) en varieert tussen 125.000 EUR en 12.000.000 EUR. Doel is onder meer om de verzekerbaarheid van deze aansprakelijkheid te verhogen. Die beperking  geldt enkel wanneer een bestuurder gehouden is tot het betalen van schadevergoeding als gevolg van aansprakelijkheid en is dus niet van toepassing op gevallen waarin de bestuurder aan garantieverplichtingen is onderworpen, zoals wanneer hij gehouden is tot werkelijke storting van een inbreng voor aandelen waarop niet op een geldige wijze is ingeschreven. Bovendien geldt de beperking ook niet in geval van lichte fout die eerder gewoonlijk dan toevallig voorkomt, zware fout, bedrieglijk opzet of oogmerk om te schaden in hoofde van de persoon die aansprakelijk wordt gesteld.