Coronawet Justitie: uitstel nationaal register en ruimere mogelijkheden elektronische neerlegging

Coronawet Justitie: uitstel nationaal register en ruimere mogelijkheden elektronische neerlegging

Op 24 december 2020 verscheen in het Staatsblad de “Wet van 20 december 2020 houdende diverse tijdelijke en structurele bepalingen inzake justitie in het kader van de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus COVID-19”, kortweg de ‘Coronawet Justitie’.

De wet bevat een heel aantal maatregelen in het kader van de Covid-19 pandemie. We bespreken in afzonderlijke nieuwsbrieven de maatregelen m.b.t. appartementsmede-eigendom, het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen en het moratrium light

Hieronder geven we nog kort enkele andere interessante bepalingen mee.

Uitstel opname in nationaal register gerechtsdeskundigen, beëdigd vertalers, tolken en vertalers-tolken

Gerechtsdeskundigen, beëdigd vertalers, tolken en vertalers-tolken die al werkten voor overheden vóór 1 december 2016 dienden uiterlijk voor 1 december 2021 in het definitieve nationaal register voor gerechtsdeskundigen te worden opgenomen. Deze uiterste datum is uitgesteld naar 1 december 2022.

Gerechtelijke procedures: verlenging ruimere mogelijkheden elektronische neerlegging

De maatregelen over de neerlegging van akten van rechtsingang of van voorziening en van verzoekschriften of verzoeken aan de rechter werden verlengd. Deze documenten, inclusief de bijlagen, kunnen nog tot 31 maart 2021 bij de griffie van een gerecht worden neergelegd via de elektronische systemen DPA en e-Deposit.

Het oorspronkelijke wetsontwerp voorzag erin dat burgerlijke procedures in de regel schriftelijk zouden worden behandeld. Die verregaande maatregel heeft het echter niet gehaald.

De digitale stroomversnelling waarvoor Covid-19 heeft gezorgd, is evenwel niet aan de rechtbanken voorbijgegaan. Heel wat rechtbanken zijn begonnen met het organiseren van virtuele zittingen, wat in de regel goed werkt.