Tijdelijke maatschap in overheidsopdrachten inschrijven zonder kbo-inschrijving mag

Tijdelijke maatschap in overheidsopdrachten inschrijven zonder kbo-inschrijving mag

Sinds het nieuwe ondernemingsrecht, zijn organisaties zonder rechtspersoonlijkheid in principe ondernemingen; ook de tijdelijke (handels)vennootschap uit het Wetboek van vennootschappen en de tijdelijke maatschap uit het Wetboek van vennootschappen en verenigingen. Als onderneming zijn ze onderworpen aan de inschrijvingsverplichting in de Kruispuntbank van Ondernemingen.

De vraag die veel aannemingsbedrijven zich stelden, was wanneer zij een tijdelijke maatschap moesten inschrijven in de KBO. In het kader van een overheidsopdracht heel concreet:

  • bij inschrijving op een opdracht (lees: voor elke opdracht waarop werd ingeschreven), of
  • bij aanvang van de uitvoering (lees: enkel voor een opdracht die werkelijk werd gegund).

De eerste aanpak was de meest voorzichtige, maar ook de meest tijdrovende. Volgens artikel III.49 van het Wetboek Economisch Recht (WER) moet de inschrijving gebeuren "vóór de aanvang van hun activiteiten" en "activiteiten" worden ruim geïnterpreteerd. De tweede aanpak zou heel wat bijkomende administratie besparen, die verloren is als de opdracht niet wordt toegekend.

Deze vraag werd recent ook gesteld in de Kamercommissie Justitie. Daar antwoordde Minister van Justitie Koen Geens dat de tweede aanpak de juiste is. Hij verwees naar de memorie van toelichting bij de wet houdende hervorming van ondernemingsrecht en de overweging dat de vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid zich moet inschrijven "indien zij aan het rechtsverkeer deelneemt en rechten en verplichtingen aangaat met derden" .

De verplichtingen die een tijdelijke maatschap in de offerte op zich neemt tegenover de betrokken overheid, volstaan volgens de minister niet. Hij besluit "dat de oprichting van een tijdelijke, in de zin van kortstondige, maatschap door de aannemers voor de gunning van een bouwproject zonder meer niet volstaat om van een inschrijvingsplicht te spreken." Of met andere woorden: "De maatschap die enkel een offerte voorbereidt en die automatisch wordt ontbonden indien de opdracht niet aan de maatschap wordt toebedeeld, heeft echter geen inschrijvingsplicht."

Daarmee is niet gezegd dat elke tijdelijke handelsvennootschap of maatschap ontsnapt aan de inschrijvingsplicht. Die moet onverkort worden nageleefd "zodra de betrokken aannemers worden aangesteld als uitvoerder van de werken, zelfs indien de werken nog niet zijn aangevangen."

Hoewel er over de juridische waarde van dit antwoord zal worden gediscussieerd, is inschrijven op een overheidsopdracht zonder voorafgaande KBO-inschrijving volgens de minister dus mogelijk. We raden dan wel aan in het contract of protocol van de tijdelijke maatschap uitdrukkelijk overeen te komen (1) dat het voorwerp van de maatschap vóór de gunning beperkt blijft tot het voorbereiden en indienen van de concrete offerte; en (2) dat de maatschap automatisch wordt ontbonden indien zij de opdracht niet gegund krijgt.

Voor meer informatie kan u terecht bij Siegfried Busscher en Joost van Riel.