Verzekerbaar belang onregelmatige bouwwerken

Verzekerbaar belang onregelmatige bouwwerken

Ook gebouwen die in strijd met de stedenbouwkundige regelgeving werden opgetrokken of in stand gehouden, kunnen voor verzekeringsdekking in aanmerking komen.

In een recent arrest van 17 november 2017 heeft het Hof van Cassatie geoordeeld dat een verzekerde ook gerechtigd kan zijn op een vergoeding door de brandverzekeraar voor brandschade aan een chalet die onregelmatig werd opgetrokken (link naar het arrest: link ).

Het feit dat de chalet op stedenbouwkundig vlak onregelmatig was, verhindert niet dat de verzekeringsnemer / verzekerde een verzekerbaar belang kan hebben waarvoor hij gerechtigd kan zijn op een vergoeding door de verzekeraar. Het Hof van Cassatie herinnert eraan dat de verzekerde moet kunnen aantonen dat hij een in geld waardeerbaar belang heeft bij het behoud van de zaak of bij de gaafheid van het vermogen (oud art. 37 WLVO, huidig art. 91 Verzekeringswet 4 april 2014). Het verzekerbaar belang is volgens het Hof het belang dat de verzekerde of begunstigde erbij heeft dat een onzekere gebeurtenis die schade kan berokkenen aan het verzekerde goed of het verzekerde vermogen (aansprakelijkheid), zich niet voordoet. De feitenrechter moet beoordelen of dergelijk belang bestaat op het ogenblik van het schadegeval.

In deze zaak had de feitenrechter geoordeeld dat, hoewel de chalet onregelmatig werd gebouwd en afgebroken moest worden, deze op het ogenblik van het schadegeval wel degelijk een zekere vermogenswaarde en economische waarde vertegenwoordigde voor de verzekerde. De verzekeringsvergoeding zal kunnen worden aangewend voor de heropbouw van het bouwwerk op een andere (vergunbare) plaats. Deze vergoeding is verschuldigd door de verzekeringsmaatschappij, zelfs wanneer de verzekerde zou beslissen om niet over te gaan tot heropbouw. Volgens de rechter ten gronde in graad van beroep, schond het uitkeren van deze verzekeringsvergoeding het indemniteitsbeginsel niet. Het Hof van Cassatie heeft deze stelling van het hof van beroep gevolgd. De verzekeringspolis is op dit vlak niet nietig of vervallen.

Het Hof stelde nog vast dat het een verzekering aan nieuwwaarde betrof, waardoor bij gebreke aan heropbouw of vervanging, de vergoeding beperkt kan blijven tot 80%.

Voor meer informatie over dit specifieke onderwerp kan u Siegfried Busscher (auteur en celhoofd Privaat Bouwrecht) en Bob Goedemé (celhoofd Verzekeringsrecht) raadplegen.